Maandelijks archief: juli 2010

Verhuizing Blog

Voor recente aanvullingen en bijdragen; ga naar :
http://www.gremberghe.nl of http://www.gremberghe.com/

China-uitjes (met aanvulling)

Binnenlands Bestuur doet een boekje open over de China-reizen die bestuurders uit gemeenten en provincies de laatste tijd ondernemen. De instanties geven tienduizenden euro’s uit aan bezoekjes aan de World Expo 2010 in Shanghai en of die werkelijk van nut zijn valt te betwijfelen.. Van de provincies gaf Utrecht het meest uit (44.398 euro), van de grote steden Rotterdam (43.700 euro). Eenduidig beleid voor vliegen in business- of economy class is er niet.

In het rijtje van big spenders komt de provincie Zeeland en de Zeeuwse grootsteden niet voor. Mooi he, ze gaven de verslaggevers van BB te kennen dat ze niet naar de Expo in de Oost gaan. Ja, ons bin zuunig hee…

Nee, niks daarvan. Ons ben nie eerlijk. Ons ben namelijk wel degelijk naar China geweest. Als eersten nog wel liefst. Onder aanvoering van burgemeester Jan Lonink van Terneuzen (die moest mee om de vliegangst van wethouder Liefting te beteugelen) is er wel degelijk een Zeeuwse delegatie op de Expo geweest. Als eregast zelfs, omdat het ROC Westerschelde en Zorgsaam (waar ook mensen van meegingen) een huisartsenpost in de Chinese metropool van de grond hebben mogen optillen.

Hoeveel dat Zeeuwse uitje heeft gekost valt uit de opsomming van BB niet op te maken

1. Utrecht (7 personen): 44.398 euro
2. Zuid-Holland (7 personen verspreid over twee perioden) 25.250 euro
3. Noord-Holland (3 personen) 21.234 euro
4. Noord-Brabant (7 personen) 20.527 euro
5. Flevoland (2 personen) 6.684 euro
6. Friesland (2 personen) 3.500 euro

Gemeenten

1. Rotterdam (8 personen) 43.700 euro
2. Utrecht (6 personen) 22.091,18 euro
3. Amsterdam (6 personen) 22.000 euro
4. Den Haag (acht personen) 19.095 euro
5. Eindhoven 11.236 euro

maar ik denk dat alles bij elkaar toch wel in de buurt komt van de derde plaats in om het even welk rijtje.
Komt nog bij dat de Zeeuwen waarschijnlijk nog wel de top zullen halen. In september reist namelijk nog een Zeeuwse delegatie naar het verre China…

Stoppen met roken

Ik ben een verstokt roker. Diverse malen heb ik geprobeerd om de sigaret uit mijn leven te bannen. De ene keer cold turkey, met alle ontwenningsverschijnselen van dien en een gewichtstoename van hier tot ginder, de andere keer met pleisters, met kauwgummetjes die je keel lam legden, met pillen en laatst met Champix, een kuurtje met varenicline, een middel dat voorkomt dat nicotine zijn verslavende werking in een mensenlijf kan uitoefenen.
De laatste keer dat ik aan zo’n keer begon resulteerde in een rookloze periode van een half jaar. Ik was eigenlijk te vroeg gestopt met kuren (2×12 weken wordt geadviseerd) met als gevolg dat ik veel te snel weer voor de verleidingen viel. “Je bent een echt rokertje he”, zei een oom van me toen ik weer aan de kankerstok begon te leuren.
Ik kon het niet ontkennen.
Als de meeste weldenkende mensen besef ik dat roken slecht is voor lijf, leden en omgeving.
Je conditie gaat kapot, je longen en je aderen.
Mensen vinden je stikken, je kleren, je huid en ze – de niet-rokers- kijken op je neer wanneer je weer in een verscholen hoekje of bij zo’n belachelijke rookpaal je nicotineverslaving aan het uitoefenen bent.
Ik ga het weer eens proberen.
Mijn eerste filmomhulde tabeltje is al weggewerkt, op weg naar mijn darmen om dan via mijn bloed weer naar boven te stijgen om in mijn hersenen de knop om te zetten van roken naar niet-roken.
Die omschakeling zal niet ongemerkt voorbij gaan. Dat weet ik nu al.
Mijn darmen komen wellicht in opstand, mijn kop zal dagen als een betonblok voelen, ik zal misselijk worden en in nachtelijke uren rare dingen beleven in mijn slaap, om dan vervolgens met een ruk wakker te worden en te verzuchten. Godskerallemachtig….
De drang naar tabak, de zucht naar de sigaret, de hunkering naar nicotine neemt langzaam maar zeker af, dat staat vast, dat kan ik verwachten. Over pakweg acht, negen dagen, druk ik mijn laatste peuk uit en kan ik zeggen: ik ben gestopt.
Dat gaat mooi gebeuren, daar ben ik zeker van, maar dan, maar daarna, als de pillen op zijn…

Cadzand kan wat..

Ik ben benieuwd of de West-Zeeuws-Vlamingen de twijfels over de haalbaarheid van het plan Cavelot in Cadzand durven laten varen nu projectontwikkelaar Arcus, samen met de toekomstige exploitant van het nieuwe park Noordzee Residence Cadzand-Bad – de nieuwe naam voor Cavelot – , het voorbije weekeind begonnen zijn met de verkoop van de recreatiewoningen in het plangebied. Vierhonderdvijftig moeten er uiteindelijk komen en zo’n 2/3 van de kavels werden de voorbije dagen in de verkoop gedaan. Binnen enkele uren waren er vrijdagavond dertig verkocht. Goedkopere en duurdere woningen (prijzen gaan van 235.000 euro tot ruim acht ton). Elk uur klonk er in de feest/verkooptent op het terrein wel een paar keer een belletje ten teken dat er weer een nieuwe eigenaar zich had aangediend. Zaterdag en zondag gebeurde dat eveneens op gezette tijden. Projectontwikkelaars en Roompotmanagers liepen tussen hun klantenpotentieel met een brede smile op het gezicht en namen ruim de tijd voor een babbeltje, een hapje en een drankje.

Tevredenheid was er ook bij de ontwikkelaars dat er nu eindelijk – na dertien jaar praten – op het enorme terrein aan de Lange Strinkweg net buiten Cadzand-Bad iets gebeuren gaat. Dat iets moet niet al te lichtelijk worden opgevat. Als de residence zijn definitieve omvang bereikt staan er 450 recreatiewoningen in een parkachtig duinlandschap compleet met een grote waterpartij en diverse nieuwe voorzieningen (zwembad, restaurant, winkels, sportaccommodaties). Een compleet nieuw dorp verrijst -als dit jaar met de feitelijke bouw kan worden begonnen – naast het oude, wat verpieterde – Cadzand-Bad.

Als alles meezit zal dit project kunnen werken als een vliegwiel voor andere projecten die in voorbereiding zijn of tegen het moment van bouw aanzitten. Het appartementencomplex Duinhof (van de Poel en Compagnie ‘t Zoute) ligt goed in de markt en heeft de helft van de te bouwen appartementen reeds aan de man gebracht. Het startsein voor de bouw is op handen. Verschillende hoteliers in Cadzand hebben hun plannen panklaar, andere ondernemers overwegen stappen te maken, een investeerdersgroep is de mogelijkheden van een jachthaven aan het onderzoeken en maakt stilaan progressie, Sergio Herman heeft met zijn brasserie Pure C Cadzand in amper een paar maanden een publiekstrekker gegeven. Campinghouders willen ook mee in de vaart der veranderingen; Kortom; Cadzand-Bad lijkt – een beetje laat maar toch – de 21e eeuw in te rollen.

De vraag is hoe lang de non-ondernemers – de lieden die tijdenlang planontwikkelingen hebben tegengehouden, hebben gefrustreerd – door zullen gaan met hun nihilistisch campagnes. Cadzand-Bad kan nu een sprong vooruit maken. Het zou rampzalig zijn als dat in dit stadium onmogelijk wordt gemaakt…

Blog verhuizing

De Zeeuwse internetwizard Arno Rootsaert, actief onder de bedrijfsnaam VAIPS – Schoondijke, heeft de voorbije weken voor mij een nieuwe website ontwikkeld waarop ik mijn blogactiviteiten wil vervolgen en uitbreiden. Tot nu toe verschenen er van mijn hand op http://gremberghe.wordpress.com/ meer dan 350 bijdragen, de een wat beter dan de ander, maar meestentijds geschreven vanuit het hart en met de bedoeling mensen te informeren, aan het denken te zetten of simpelweg te kietelen. Op die bijdragen reageerden honderden mensen. De een lovend, de ander kritisch, weer anderen met suggesties of verwijzingen. in totaal logden meer dan 23.000 lezers in op de site, een aantal wat ik niet had durven te verwachten.
Ik zet mijn schrijfwerk op http://gremberghe.nl/ gewoon voort. Tot medio augustus blijven de twee sites naast elkaar bestaan, maar in de loop van de maand hevel ik het gros van mijn activiteiten over naar de nieuwe website. Dankzij Arno’s inzet kan ik straks in mijn nieuwe blogomgeving meer dingen doen. WordPress is een prachtig middel voor scribenten, maar met beperkingen. De nieuwe site biedt meer applicaties, meer toepassingsmogelijkheden voor beeld, film en geluid en is meer geënt op het gebruik van nieuwe, sociale media.
Ik hoop dat U straks de weg weet te vinden naar gremberghe.nl net als U dat wist te doen naar deze site. Hebt U op- of aanmerkingen op de nieuwe site, aarzel dan niet om te reageren. Aanpassingen zijn nog steeds te maken.
Vanaf deze plaats wens ik voorts mijn lezers een prettige vakantietijd toe en mocht u tijdens die periode online zijn, dan heet ik u van harte welkom op gremberghe.nl.

met vriendelijke groet
Conny van Gremberghe

Zonnebaadsters

<a Sinds jaar en dag ben ik een bewonderaar van het werk van de Britse beeldhouwer Anthony Gormley. De man plaatst met regelmaat mansgrote beelden in vreemde, dan wel vervreemdende omgevingen. Van de centra van Londen en New York tot de woestijn van Australië en als het moet op het strand van Blackpool. Zeeuws-Vlaanderen heeft nu in de Ossenisser beeldhouwer Luc Inghels zijn eigen Gormley. Inghels is maanden aan het werk geweest om 150 torso's van vrouwen te gieten die hij mid-zomer en massa op de zeedijk bij Perkpolder wilde leggen. Een kolonie zonnebaadsters aan de Perk. Welnu, ze liggen er, in het droge gras in de kom van de zeedijk. Torso's van kleine en grote vrouwen, jonge en oude, dikken en dunne en zelfs van een zwangere dame. Ieder met zijn eigen stempel, met unieke kenmerken.

Wie aan de knik in de dijk aankomt wordt door de grote beeldengroep verrast. Dat kan op verschillende manieren, zo merkte ik. Op een Vlaams-domme wijze: “Wasdannou iere?!” of enthousiast/uitnodigend “Hee kijk nu eens, dit is leuk, even een kijkje nemen.” Een passerende recreatiewielrenner vroeg zich hardop af waarom er geen mannen bijlagen.
Als Inghels zijn uitstalling van het vrouwdom dat soort vragen oproept is zijn werk feitelijk al geslaagd. Het getuigt van durf om zo’n project in het toch niet zo kunstminnend Zeeuws-Vlaanderen te ondernemen. Zoals ik zei het werk roept vragen op, maar trekt ook aandacht, want ja, dit is de kans van Sinssenaren om het naakte lijf van de buurvrouw te aanschouwen, maar is het de buurvrouw wel, is het niet…Inghels roept vragen op bij de voyeur, de verraste passant/recreant en de echte kunstliefhebber. En dat is op zich al leuk.

Leuk zou ook zijn als de beelden ongeschonden de expositie uitkomen. Hopelijk houden ze bij paviljoen De Perk een oogje in het zeil. Morgen, vrijdag, wordt de expositie om 16 uur officieel geopend.

Winkels bij skihal

Het getergde Zeeuwse Halfformaat werd de voorbije week met een flinke boete om de oren geslagen, omdat ze BN/De Stem en PZC samengevoegd hebben zonder de Neerlandse Mededingensautoriteit daarvan in kennis te hebben gesteld. Nou ja, wat ze de lezers niet vertellen is dat ze nu – in beide niet echt zelfstandige titels – ook al berichten van de voorbije jaren gewoon gaan herhalen om klaarblijkelijk kosten te besparen. Zo meldt Halfformaat hedenvandage: “De eerste winkels bij skihal Snowbase in de Koegorspolder in Terneuzen gaan vermoedelijk komende winter open.”
Mij staat vaag bij dat dit in dezelfde bewoordingen al eerder aan de lezers is voorgeschoteld. Ik ga er vooralsnog vanuit dat komende winter ook makkelijk die van 2011/2012 kan zijn.

Duurzaam is duur

Zeeland Seaports heeft het ene debacle, de Westerschelde Container Terminal (WCT) nog niet achter zich gelaten of de volgende ramp dient zich al aan. De animator van de Zeeuwse havens, ooit de gangmaker van de regionale economie, gaat in wind. In windenergie om daarmee een impuls te geven – zo zegggen ze – aan een duurzame Zeeuwse haveneconomie. Het is niet voor het eerst dat ZSP speelt met het woordje duurzaam. Nee, ook op het vlak van de biobrandstoffen entameert ZSP al geruime tijd zeer succesvolle initiatieven, maar niet heus. En nu gaat ZSP samen met Delta Energy, Heerema Vlissingen, Verbrugge Zeeland Terminals, Zeeuwind en de ZMF gezamenlijk een groot windmolenpark op de Noordzee bouwen.
Alle directies ondertekenen vrijdag 16 juli een intentieverklaring. Daarin staat dat het consortium wil werken aan ‘het verkennen en ontwikkelen van een offshore windturbinepark in het windgebied Zeeuwse kust/Borssele’. Dat is de plek die door het kabinet is aangewezen als zoekgebied voor een windmolenpark met honderden molens.
Het initiatief voor het consortium is genomen door de Zeeuwse Milieufederatie.
Dat laatste is niet zo opmerkelijk, maar geeft overigens wel aan dat de ZMF bij het Zeeuwse grootkapitaal weer een gewaardeerde gesprekspartners is. Een zakenpartner zelfs. Het moet niet gekker worden, straks gaat de ZMF ook mee in de kweek van vis aan land (waar pa Peijs zich mee bezig houdt), en waarmee de visserijsector in Zeeland definitief om zeep geholpen kan worden. Vervolgens zal de ZMF met plannen komen om oesters en mosselen op alternatieve wijze te kweken (in emmertjes wellicht) en kan de schelpdiersector een finale knauw krijgen. Als de milieujongens in zaken gaan mogen de traditionele sectoren op hun hoede zijn.
Maar goed, waarom moet de ZMF dat consortium trekken. Simpelweg om de idealen van groen te kunnen realiseren. Duurzame energie, dat wel, uit wind en nog wel ver op zee, zodat het toch al zo ontsierde Zeeuwse landschap niet nog verder verknald wordt met tientallen torenhoge turbines.
De Zeeuwen, die toch al een aardige energierekening betalen omdat ze Delta nog altijd zien als een Zeeuws bedrijf, moeten wel in de smiezen hebben dat dit ZMF-initiatief – dat grote windmolenpark in zee bij Westkapelle, hen in eerste instantie hoegenaamd niets gaat opleveren. Per Zeeuws gezin gaat dit windpark jaarlijks zo’n 800 euro kosten. Goedkopere stroom zullen die molens niet leveren, want tegen de tijd dat ze voldoende stroom gegenereerd hebben om de subsidie mee te compenseren zijn ze wellicht afgeschreven.
De enige bedrijven die voordeel hebben aan het park zijn die bedrijven die direct-of indirect met de offshore-industrie van doen hebben. Die halen wat orders, wat werk binnen, vooral in de periode van de bouw.

Helikopter

Een jaar op tien geleden meende de toenmalige minister voor Volksgezondheid Els Borst dat de traumahelikopter uit Rotterdam ook maar de regio Zeeuws-Vlaanderen moest gaan bedienen. De aanvliegtijd van dat vervoermiddel, dat ingezet wordt bij ernstige ongelukken en calamiteiten, was weliswaar langer dan een half uur, maar dat meost maar kunnen.
Öm de dooie dood niet”, riep bestuurlijk Zeeuws-Vlaanderen indertijd. “De regio heeft recht op een gelijkwaardige hulpverlening als andere regio’s en die wordt nu gegarandeerd door de inzet van de MUG-helikopter uit Brugge. Die willen we dan ook houden.”
Dat mocht van Borst, maar dan zou de regio zelf wat geld moeten ophoesten om die Vlaamse dienst – dus buitenlandse dienst – te bekostigen. Dat gebeurde dan ook.
Jarenlang heeft de MUG zijn diensten bewezen en nu – medio 2010 – komt het bericht dat Zeeuws-Vlaanderen bij het werkgebied van de Rotterdamse traumahelikopter kan worden betrokken, omdat het mobiel medisch team in de Maasstad sinds kort over een nieuwe, snellere helikopter beschikt. Die kan Zeeuws-Vlaanderen vanuit Rotterdam bereiken binnen dertig minuten. De MUG-helikopter uit Brugge kan dit overigens binnen tien à vijftien minuten.
En weermaals mag Zeeuws-Vlaanderen – nu op het vlak van acute medische interventie – weer een stap terugdoen.
Alarmbellen zijn er vooralsnog niet gaan rinkelen.

Naschrift: Herstel de fractie Babijn in de gemeente Sluis heeft vandaag vragen gesteld nav het bericht. Hij wil de Mug in de lucht houden

Standbeeld voor Wegener

Hoofdredacteur Peter Jansen van de Provinciale Zeeuwse Courant vindt dat Wegener voor zijn activiteiten in Zeeuws-Vlaanderen – met de titels PZC en BN/De Stem al zijn die vrijwel volledig uitwisselbaar – niet een boete, maar een standbeeld verdient. Nou, ik deel die mening niet.
Wegener heeft –en de NMa heeft dat wel juist ingeschat – de kluit belazerd en puur uit economische motieven twee ooit separate redacties ineengeschoven. De redacties werden ondergebracht in een pand, in een ruimte, de bezetting werd teruggebracht van 18 naar 8 redacteuren, de sportredactie van BN/De Stem werd opgedoekt, fotografen werden aan de kant gezet en het bestand aan medewerkers – ooit in elk dorp een correspondent – werd geminimaliseerd. Acquisiteurs werden ontslagen en de eigen regionale distributie werd opgedoekt – met alle gevolgen voor de bezorging van dien -.
PZC en BN/De Stem verwerden regionaal tot kopieën van elkaar, met hooguit de bladtitel nog als eigen presentatie-uiting. Hoewel de Stem nog in zijn colofon de suggestie wekt over een eigen redacteurenploeg beschikt staan deze heren/dames allemaal op de loonlijst van de PZC.
De lezer van de kranten krijgt bovendien sinds 2007 jaarlijks amper 11.000 paginaatjes voorgeschoteld (halfformaat) terwijl dat voor de omslag nog om zo’n 18.000 pagina’s ging. Voor dat mindere product betaalt de lezer zo’n twintig procent meer dan in de tijd van het broadsheet-formaat.
Jansen, die bij zijn komst naar de PZC in juli 2006 riep “een andere en betere krant te zullen maken”, verdient absoluut geen standbeeld, eerder een nekschot. De krant is anders, dat wel, maar is absoluut niet meer te vergelijken met de wat saaie, maar degelijke PZC van 10 jaar terug. De krant is zeker niet beter geworden, de teloorgang van de GPD en het ANP, het verlies van correspondenten en medewerkers heeft zijn invloed ook op het product gehad en dan heb ik het nog niet eens over het vertrek van vele, ervaren redacteuren en vormgevers de voorbije jaren.
De Volkskrant meldt vandaag naar aanleiding van de NMa-boete van ruim 20 miljoen dat de redacties al in 2002 volledig werden geïntegreerd. Dat is pertinent onjuist. Tot 2005 werd er op bescheiden wijze samengewerkt en werd elke stap tot verdere integratie getraineerd, vooral door de PZC. Pas in november 2007 meldde Jansen de redactieraad van de PZC dat BN/De Stem in Zeeuws-Vlaanderen qu omvang, vorm en inhoud gelijk zou worden aan de PZC. Op de vraag of de NMa daarmee kon leven gaf heer Jansen aan dat “er geen reden is om ongerust te zijn. Alle afspraken staan zwart op wit”.
Dat laatste heeft – gelet op de uitspraak van de NMa- toch wel veel op een leugen.

PZC en de muur van ergernissen

Onder het motto “Wie wat bewaart heeft wat” heb ik de verslagen van de weekberaden, redactieraden en – commissie, alsmede de briefwisselingen over de redactionele situatie in Zeeuws-Vlaanderen tussen de verschillende bedrijfsgremia over de voorbije jaren netjes bewaard.
Ze lagen in een grote map onderin mijn kastje, want wat dat betreft ben ik toch een ouderwetse journalist; ik bewaar van alles. Waar nog eens een verhaal in zou kunnen zitten gaat in een mapje, interessante artikel worden geknipt of digitaal opgeslagen in – juist – een mapje.
Ik had bij wijze van spreken de NMa – mocht ik ertoe gedwongen zijn – zo een berg met documenten kunnen verstrekken. Ze hebben vorig jaar bij de invallen-actie niet bij me aangeklopt. Ik zou ook niet thuis hebben gegeven, want ik vond en vind dat ik als eenvoudige redacteur part noch deel heb gehad aan wat er de voorbije jaren is gepasseerd. Dat geldt ook voor het leeuwendeel van de PZC-en BN/De Stem-redacteuren in Zeeuws-Vlaanderen en daarbuiten.
Als er in Breda of Apeldoorn iets beslist werd over de bedrijfsvoering van de kranten, dan was dat – alle overleggremia ten spijt – veelal opgelegd pandoer, dat verwoord werd in een hoofdredactionele mededeling. Daar mochten redactionele vergadertijgers als Jeff. Kuttering en Ernst Jan Rozendaal dan nog even mee stoeien, maar ook niet meer dan dat.
Mecom en Munstermans wil waren wet.
En die wet was puur economisch.

In 2001 werd –ten tijde van het regime van Andreas Oosthoek – besloten om de redacties van PZC en BN/De Stem om economische redenen onder een dak te brengen. Er moest – met frisse tegenzin – worden samengewerkt, maar die samenwerking beperkte zich in eerste instantie tot het gezamenlijk gebruik van werk van dezelfde fotografen (bij toerbeurt) en het toen nog bestaande korps aan medewerkers. PZC en BN/De Stem bleven kranteigen kopij maken. Identiteitsbepalende zaken bleven fier overeind. De aansturing van de redacties bleef in handen van twee chefs.

Makkelijk verliep die samenwerking niet. Simpelweg, omdat het een beetje raar is als journalisten die samen met elkaar werken toch geheimen (primeurs) voor elkaar hebben of rechtspositioneel verre van op een lijn zitten. Zo kon het gebeuren dat op gezette tijden –zeker in mei – de samenwerkingsredactie bestond uit louter PZC –redacteuren, omdat de Stemmers allemaal op vakantie waren en mochten.
Als er vanuit Zeeuws-Vlaanderen geklaagd werd door redacteuren, dan ging het om organisatorische zaken, om gebrek aan menskracht, aan onevenwichtigheid in papieraanbod voor de twee edities en meer van zulks. Over werkomstandigheden die na de overgang op halfformaat in februari 2007 steeds problematischer werden.

De tot toen gekunstelde samenwerkingsconstructie paste geheel binnen de afspraken die de NMa Wegener met de fusie met de VNU-dagbladen had opgelegd. De edities hadden hun eigen smoel, eigen specifieke kopij, eigen redactie en eigen omvang.
Met alle gevolgen van dien overigens.
Om een voorbeeld te geven.
In de tijd van een eigen PZC-redactie in Terneuzen verving de kantoorhouder zelf regelmatig de kapotte tl-buizen. Hij moest dan ’s maandags toch in Vlissingen zijn en nam dan uit het magazijn wel wat nieuwe buizen mee, die hij vervolgens een dag later zelf in de tl-houders plaatste. In een Wegener-pand mocht dat allemaal niet meer, vanwege de arbo-regelgeving en omdat er natuurlijk een facilitair manager was die dit soort dingen regelde, arrangeerde, aanpakte. Dus toen er op het bureel van de samenwerkingsredactie wat tl-buizen kapot waren werd er gebeld naar Breda. “We zitten bijna zonder licht, we hebben wat tl-buizen nodig”, luidde het verzoek. De facilitair manager noteerde dat netjes en sprak vervolgens af over een week zelf naar Terneuzen te komen. Met de lampen dacht ik, maar nee, de man kwam poolshoogte nemen. Kijken of er daadwerkelijk lampen stuk waren, hoeveel, wat voor watt en welke starters ze hadden. Alla, meneer was en halve dag bezig met zijn inventarisatie en zei vervolgens dat er actie ondernomen zou worden.
Die actie kwam ook. Een paar dagen later meldden twee mannen van een of ander technisch bedrijfje uit nota benen Breda zich ter redactie met de mededeling dat ze kwamen om een inventarisatie van het kwaad te maken, zodat zij het bedrijf een offerte konden doen. Nou ja, kijk maar, er zijn wat tl-buizen stuk…Weken verstreken, nog eens met Breda gebeld, ja de offertes moesten nog bekeken worden. Maar goed, weken later verschenen er enkele mannen op het bureel met tl-buizen. Een kleine vrachtwagen vol, niet alleen de kapotte exemplaren werden vervangen, maar alles, ook de nog goede buizen en overal in het kantoor werden de lichtkolommen voorzien van nieuwe starters..
Toen ik de facilitair manager wees op zijn absurde werkwijze werd me dat later niet in dank afgenomen, maar toch zo verliepen zaken.

Een en ander was voor de toenmalige Stem-chef in Zeeuws-Vlaanderen aanleiding om in april 2007 namens de samenwerkingsredactie (niet namens mij, ik was destijds ziek) een verzoek bij de hoofdredacties en directie neer te leggen om ” de muur van ergernissen waar de redactieleden elke dag tegenaan liepen, maar die ze zelf niet hadden opgetrokken, te slechten.”
Wat verder volgde is voor de NMa reden geweest om deze week Wegener een boete op te leggen van bijna 20 miljoen euro.
Een absurd hoge boete vindt het bedrijf en dat is ook zo.
Het vermeende profijt dat het concern heeft gehad aan het ineenschuiven van titels en redacties staat in geen verhouding tot de boete.

Een aantal respondenten heeft mij deze week ervan beticht zaken te schrijven uit rancune. Dat zou dan impliceren dat ik haat- gedragen verhalen zou leveren. Daar is geen sprake van. Bijna een kwarteeuw heb ik bij de twee kranten mogen werken, het langst 22 jaar bij de Provinciale. Een krant, de laatste, waar ik altijd trots op ben geweest. Een krant met een reputatie.
Net zoals De Stem een bedrijf was met een goede sociale status.
Nadat Wegener beide bedrijven onder z’n hoede had genomen is het met de reputatie van de twee bergafwaarts gegaan en er kwam bepaald geen positief Wegener-gevoel voor in de plaats. Integendeel.
Die teloorgang, die vind ik zo jammerlijk en daarover en daarom schrijf ik.
Dat ik verder wel eens een akkefietje met die of gene heb gehad, tja, dat bewaar ik dan maar voor mijn memoires. Mocht ik die ooit schrijven.

Aanvulling op NMa

Dat PZC en BN/De Stem in Zeeuws-Vlaanderen zeker vanaf zomer 2008 handelden in strijd met de in 2000 opgestelde fusieregels was natuurlijk bij de concernleiding bekend, maar klaarblijkelijk niet bij gremia als ondernemeingsraden, redactieraden en – commissies. Het is overigens opmerkelijk dat de Wegenerleiding kort na de NMa-inval in de burelen van de kranten in september vorig jaar in de gaten kreeg dat er behoorlijk stront dreigde. In allerijl werd diezelfde NMa benaderd met een wijzigingsverzoek voor de fusievergunning van 2000. Een verzoek dat als volgt luidde:
“Verzoek wijziging vergunningsvoorschrift zaak 1528 Wegener Arcade – VNU Dagbladen
04-12-2009 / Mededelingen inzake meldingen voorgenomen concentraties
Zaaknummer: 6848
Samenvatting:
Op 4 december 2009 heeft de Raad van Bestuur van de Nederlandse Mededingingsautoriteit van Wegener een verzoek ontvangen tot wijziging van een vergunning als bedoeld in artikel 41 van de Mededingingswet . Het verzoek strekt ertoe dat het voorschrift dat is verbonden aan de vergunning, voor zover het gaat om PZC en BN/De Stem, wordt gewijzigd en als volgt komt te luiden: “Wegener is gehouden te bewerkstellingen dat PZC en BN/De Stem in Zeeuws-Vlaanderen verspreid blijven worden en een eigen onafhankelijke hoofdredacteur hebben, die eindverantwoordelijkheid draagt voor de inhoud van de krant”.

In de oude regels stond die hoofdredactionele vearatwoordelijkheid amper omschreven. Er werd alleen gewag gemaakt van “De voorschriften houden onder meer in dat Wegener gehouden is het voortbestaan van de onderlinge onafhankelijkheid van de dagbladtitels ‘Provinciale Zeeuwse Courant’ (hierna: “PZC”) en ‘BN/De Stem’ te waarborgen en zorg te dragen dat beide titels verspreid blijven worden in Zeeuws-Vlaanderen.”
De NMa heeft het verzoek nog in behandeling.